ECLI:NL:RBDHA:2025:21979
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- O. El Kadi
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens onvoldoende nieuw risico op schending artikel 3 EVRM
Eiser heeft zijn vijfde asielaanvraag ingediend met het argument dat de invoering van de Propagation door de Taliban in juli 2024 een verscherpt risico voor hem oplevert, mede vanwege zijn socialmediagebruik in Nederland. De minister heeft de aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond, omdat eiser geen nieuwe feiten heeft aangevoerd die afwijken van eerdere, in rechte vaststaande besluiten.
De rechtbank overweegt dat eiser onvoldoende heeft onderbouwd waarom zijn persoonlijke omstandigheden, in combinatie met de Propagation, nu wel een reëel risico op schending van artikel 3 EVRM Pro opleveren. De minister heeft terecht geoordeeld dat de verklaring over socialmediagebruik ongeloofwaardig is, mede omdat de posts niet duidelijk kritiek op de Taliban bevatten en niet onder zijn naam zijn geplaatst.
Eiser heeft ook betoogd dat zijn etniciteit, westers uiterlijk en tatoeages risicoverhogend zijn, maar deze omstandigheden zijn reeds in eerdere procedures beoordeeld zonder dat dit tot een andere uitkomst leidde. De rechtbank concludeert dat de minister het besluit terecht in stand heeft gelaten en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag als kennelijk ongegrond.