ECLI:NL:RBDHA:2025:21450
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening in asielzaak na afwijzing beroep
Verzoeker diende op 13 juni 2023 een asielaanvraag in die door de minister van Asiel en Migratie op 20 oktober 2023 werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Hiertegen stelde verzoeker beroep in bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om een voorlopige voorziening op 7 november 2025, gelijktijdig met de hoofdzaak (zaaknummer NL25.23638). Tijdens deze zitting nam de gemachtigde van de minister deel.
Op dezelfde dag als de uitspraak in deze voorlopige voorziening deed de rechtbank uitspraak in de hoofdzaak. Hierdoor achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld en uitspraak is gedaan.