Eiser heeft het Molenpad in Rijnsaterwoude afgesloten door aanpassingen aan zijn perceel, waaronder het verwijderen van een keerlus en het plaatsen van paaltjes en een hek. Het college legde hem daarop een last onder bestuursdwang op om de openbare weg te herstellen.
De rechtbank oordeelt dat het betreffende deel van het Molenpad, inclusief de keerlus/parkeerplaats, een openbare weg is in de zin van de Wegenwet, omdat het gedurende meer dan dertig jaar feitelijk en juridisch toegankelijk is geweest voor het openbaar verkeer. Het betoog van eiser dat het pad smal is en de bestemming 'Tuin' heeft, weerhoudt dit oordeel niet.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalt omdat het algemeen belang van handhaving en het belang van gebruikers van de openbare weg zwaarder wegen dan het belang van eiser. Ook is de last niet verder strekkend dan noodzakelijk en is er geen strijd met het bestemmingsplan. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en handhaving blijft in stand.