ECLI:NL:RBDHA:2025:21118
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aanvullende schadevergoeding kinderopvangtoeslagaffaire wegens studievertraging en studieschuld
Eiseres, gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire, heeft een aanvullende schadevergoeding ontvangen voor studievertraging en immateriële schade. Zij vordert een hogere vergoeding wegens vertraging in een vervolgopleiding en openstaande studieschuld.
De rechtbank oordeelt dat eiseres onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de benadeling de vertraging in de vervolgopleiding Bedrijfskunde heeft veroorzaakt. Ook het verband tussen de benadeling en de openstaande studieschuld is onvoldoende onderbouwd. De medische verklaring biedt geen concrete aanwijzingen voor de periode na 2016.
De Commissie Werkelijke Schade heeft het schadebedrag uitvoerig gemotiveerd en verweerder heeft dit advies gevolgd. De rechtbank acht het bestreden besluit zorgvuldig en gemotiveerd, en ziet geen schending van het rechtszekerheidsbeginsel.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand. Eiseres kan binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de aanvullende schadevergoeding wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.