ECLI:NL:RBDHA:2025:20773
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening na niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de minister van Asiel en Migratie een asielaanvraag van verzoeker niet-ontvankelijk verklaard met een besluit van 16 mei 2025. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank en tevens een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend.
De voorzieningenrechter heeft op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zonder zitting uitspraak gedaan. Omdat de rechtbank op dezelfde dag uitspraak heeft gedaan op het hoofdberoep, is het treffen van een voorlopige voorziening niet meer noodzakelijk.
Daarom heeft de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan op 5 november 2025 en is definitief, tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het hoofdberoep reeds is beslist.