ECLI:NL:RBDHA:2025:20748
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingesteld tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 4 juli 2024 en moest uiterlijk binnen zes maanden beslissen. Eiser stelde de minister op 6 juli 2025 in gebreke en diende op 31 juli 2025 beroep in.
Echter gold voor Syrië een besluitmoratorium van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de beslistermijn met één jaar werd verlengd tot maximaal 21 maanden. Dit moratorium is ook van toepassing op lopende aanvragen waarvan de oorspronkelijke beslistermijn al was verstreken. Hierdoor moest de minister uiterlijk op 4 januari 2026 beslissen op de aanvraag van eiser.
Omdat eiser zijn ingebrekestelling en beroep indiende vóór het verstrijken van deze verlengde termijn, oordeelt de rechtbank dat het beroep prematuur is ingesteld en verklaart het niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het prematuur is ingesteld binnen het geldende besluitmoratorium.