ECLI:NL:RBDHA:2025:20741
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag Syrië
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister ontving de aanvraag op 24 april 2024 en moest binnen zes maanden beslissen. Eiser stelde de minister op 4 november 2024 in gebreke en diende op 30 juli 2025 beroep in.
Echter gold voor Syrië een besluitmoratorium van 14 december 2024 tot en met 13 juni 2025, waardoor de beslistermijn met een jaar werd verlengd tot maximaal 21 maanden. Dit moratorium is ook van toepassing op lopende aanvragen waarvan de oorspronkelijke beslistermijn al was verstreken. De uiterste beslisdatum voor de aanvraag van eiser is derhalve 24 oktober 2025.
Omdat het beroep werd ingediend vóór het verstrijken van deze verlengde termijn, is het beroep prematuur en daarmee kennelijk niet-ontvankelijk. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en komt niet toe aan de vraag of een bestuurlijke dwangsom is verbeurd. Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het prematuur is ingediend vóór het verstrijken van de verlengde beslistermijn.