ECLI:NL:RBDHA:2025:20740
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardige biseksuele gerichtheid
Eiser, van Guinese nationaliteit, diende op 22 februari 2023 een opvolgende asielaanvraag in, waarin hij zijn biseksuele gerichtheid als nieuw asielmotief aanvoerde. De minister wees deze aanvraag op 13 juni 2025 af als kennelijk ongegrond en legde een inreisverbod van twee jaar op.
De rechtbank heeft het beroep en het verzoek om voorlopige voorziening op 11 september 2025 behandeld. Eiser stelde dat hij in Nederland een ontwikkeling had doorgemaakt in zijn seksuele gerichtheid en dat zijn verklaringen niet tegenstrijdig waren. De minister vond echter dat eisers relaas over zijn biseksualiteit summier, oppervlakkig en tegenstrijdig was, en dat hij onvoldoende inzicht gaf in zijn persoonlijke beleving.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft geoordeeld dat eisers verklaringen niet samenhangend en aannemelijk zijn. De rechtbank verwierp het betoog dat de minister een verboden introspectieve toets hanteert of stereotypering toepast. Ook de stelling dat homo- en biseksuelen in Guinee behoren tot een beschermde sociale groep faalt, omdat de biseksualiteit niet geloofwaardig is bevonden.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter N.M. Spelt op 16 oktober 2025.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens ongeloofwaardige biseksuele gerichtheid.