Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] ,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Eiser is sinds 28 juli 2025 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze maatregel en verzocht om schadevergoeding. De rechtbank heeft eerder de rechtmatigheid van de bewaring tot het sluiten van het onderzoek bevestigd.
Eiser heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsdocument op basis van artikel 13 van Pro de EU Verblijfsrichtlijn, stellende dat hij recht heeft op voortgezet verblijf na ontbinding van zijn huwelijk met een Nederlandse vrouw. De rechtbank oordeelt dat dit beroep op EU-recht niet kan slagen, omdat het Unierecht destijds niet is geactiveerd en het arrest Wupperthal niet van toepassing is. Dit wordt aangemerkt als misbruik van recht.
Daarnaast voert eiser aan dat zijn psychische toestand is verslechterd en dat medicatie in het land van herkomst ontbreekt, waardoor het terugkeerbesluit niet langer als grondslag kan dienen. De rechtbank vindt deze stellingen onvoldoende onderbouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.