In deze zaak, die zich afspeelt in het kader van intellectuele eigendom, heeft de Rechtbank Den Haag op 5 november 2025 uitspraak gedaan in een bevoegdheidsincident. De eiseressen, Gluggle Jug c.s., bestaande uit de rechtspersonen Gluckigluck GmbH en The Gluggle Jug Factory Ltd., hebben een vordering ingesteld tegen de gedaagde, Inbound To Anglia Ltd., met betrekking tot inbreuk op het Gluggle Jug Merk. De rechtbank heeft vastgesteld dat zij bevoegd is om van de vorderingen kennis te nemen op basis van artikel 6 sub e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) en artikel 125 lid 5 van de Europese Merkenverordening (UMVo). De eiseressen hebben gesteld dat Inbound To Anglia inbreuk maakt op hun merk door het aanbieden van producten die verwarring kunnen veroorzaken bij het publiek. De gedaagde heeft in het incident gevorderd dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart voor de vorderingen die verder strekken dan het Nederlandse grondgebied en voor de merkenrechtelijke vorderingen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de vorderingen van Gluggle Jug c.s. gegrond zijn op onrechtmatige daad en dat de rechtbank bevoegd is om van deze vorderingen kennis te nemen, aangezien de schade ook in Nederland is ingetreden. De rechtbank heeft de vorderingen van Inbound To Anglia afgewezen en de zaak verwezen naar de rol voor het nemen van een conclusie van antwoord aan de zijde van Inbound To Anglia.