ECLI:NL:RBDHA:2025:20383
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij asielaanvraag Sudan
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De aanvraag werd op 22 april 2024 ontvangen door de minister. De minister moest binnen zes maanden beslissen, maar vanwege een besluitmoratorium voor Sudan werd de beslistermijn verlengd met één jaar, tot maximaal 21 maanden.
Eiser heeft de minister op 10 juli 2025 schriftelijk in gebreke gesteld, maar op dat moment was de verlengde beslistermijn nog niet verstreken. De ingebrekestelling was daardoor te vroeg ingediend. Vervolgens stelde eiser op 28 juli 2025 beroep in tegen het niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling niet aan de wettelijke vereisten voldoet en het beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk is. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard vanwege te vroege ingebrekestelling binnen de verlengde beslistermijn.