ECLI:NL:RBDHA:2025:19933
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding wegens prematuur beroep tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op haar asielaanvraag, maar heeft dit beroep ingetrokken nadat de minister alsnog een besluit heeft genomen. Verzoekster vroeg vervolgens om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank stelt vast dat de wettelijke beslistermijn was verstreken en dat verzoekster de minister op 2 augustus 2025 heeft verzocht binnen twee weken te beslissen. De termijn liep daarom tot 16 augustus 2025, terwijl het beroepschrift al op 15 augustus 2025 werd ingediend. Hierdoor is het beroep prematuur en voldoet het niet aan de voorwaarden voor een beroep tegen niet tijdig beslissen.
Omdat niet aan de voorwaarden voor het beroep is voldaan, bestaat geen recht op proceskostenvergoeding. De rechtbank wijst het verzoek om proceskostenvergoeding dan ook af.
De uitspraak is gedaan zonder zitting door rechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt op 30 oktober 2025.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen wegens prematuur ingediend beroep tegen niet tijdig beslissen.