ECLI:NL:RBDHA:2025:19493
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen niet-ontvankelijkverklaring asielaanvraag
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De Minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag in de algemene procedure niet-ontvankelijk verklaard met een besluit van 27 mei 2025. Verzoeker is het niet eens met deze niet-ontvankelijkverklaring en heeft beroep ingesteld tegen het besluit.
Tegelijkertijd heeft verzoeker een voorlopige voorziening gevraagd om de niet-ontvankelijkverklaring te schorsen. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening op 8 september 2025 behandeld, samen met de hoofdzaak (zaaknummer NL25.24223). Tijdens de zitting waren verzoeker, zijn gemachtigde, een tolk en de gemachtigde van de minister aanwezig.
De voorzieningenrechter heeft geoordeeld dat nu de hoofdzaak is behandeld en er uitspraak is gedaan, een voorlopige voorziening niet langer nodig is. Daarom is het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter M. Eversteijn en bekendgemaakt op 8 oktober 2025.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is afgewezen.