ECLI:NL:RBDHA:2025:18658
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na tegemoetkoming in asielzaak met correctie geboortedatum
De rechtbank Den Haag behandelde een bestuursrechtelijke zaak waarin verzoeker een asielaanvraag had ingediend die aanvankelijk werd ingewilligd, maar waarbij de geboortedatum van verzoeker niet werd gevolgd door verweerder. Na een tussenuitspraak van de rechtbank werd verweerder in de gelegenheid gesteld de gebreken in het aanvullende besluit te herstellen.
Op 9 september 2025 nam verweerder een aanvullend besluit waarin hij de geboortedatum van verzoeker alsnog overnam, waarmee hij tegemoetkwam aan het beroep van verzoeker. Verzoeker trok daarop zijn beroep in en verzocht om een proceskostenveroordeling van verweerder.
Verweerder verzette zich niet tegen dit verzoek. De rechtbank stelde vast dat verzoeker proceskosten had gemaakt en veroordeelde verweerder tot betaling van een proceskostenvergoeding van € 3.174,50. Deze vergoeding was gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht en hield rekening met de verschillende stappen in de procedure, waaronder het indienen van het beroepschrift en het verschijnen op zittingen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van € 3.174,50 aan proceskosten aan verzoeker.