Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:RBDHA:2025:18432

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 oktober 2025
Publicatiedatum
7 oktober 2025
Zaaknummer
NL24.48280
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3:2 AwbArt. 3:46 AwbArt. 8:72 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende motivering over vervolgingsgevaar door familieactiviteiten in Belarus

Eiser, geboren in 2003 en van Belarussische nationaliteit, diende op 22 januari 2023 een zelfstandige asielaanvraag in nadat hij eind oktober 2022 Nederland was binnengekomen. Hij vreesde vervolging vanwege zijn eigen politieke activiteiten en die van zijn vader en zus in Belarus. Verweerder wees de aanvraag op 8 november 2024 af, stellende dat eiser onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat hij vervolging te vrezen had.

De rechtbank oordeelt dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij vanwege zijn eigen politieke activiteiten of het weigeren van militaire dienstplicht vervolgd zal worden. Wel is vastgesteld dat zijn vader en zus politiek actief zijn en dat familieleden van oppositieleden in Belarus risico lopen op vervolging, zoals blijkt uit landeninformatie en de detentie van eisers moeder.

Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom eiser ondanks deze feiten geen vervolgingsgevaar loopt. Daarom is het bestreden besluit niet zorgvuldig voorbereid en niet deugdelijk gemotiveerd. De rechtbank vernietigt het besluit en draagt verweerder op binnen acht weken een nieuw besluit te nemen, rekening houdend met deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.

Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de asielaanvraag en draagt verweerder op een nieuw besluit te nemen binnen acht weken.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Haarlem
Bestuursrecht
zaaknummer: NL24.48280

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. R.M. Boesjes),
en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder,

(gemachtigde: mr. Y. Verheugd).

Samenvatting

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van eisers asielaanvraag. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.
1.1.
De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag niet in stand kan blijven. Verweerder heeft onvoldoende gemotiveerd waarom eiser vanwege de activiteiten van zijn vader en zus niet te vrezen heeft voor vervolging in Belarus
.Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiser heeft op 22 januari 2023 een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 8 november 2024 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.
2.1.
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.
2.2.
De rechtbank heeft het beroep op 27 augustus 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben eiser, de gemachtigde van eiser, [tolk] als tolk en de gemachtigde van verweerder deelgenomen.

Beoordeling door de rechtbank

Feiten en omstandigheden
3. Eiser is geboren op [datum] 2003 en heeft de Belarussische nationaliteit.. Eisers vader en zus verblijven al in Nederland. Aan eisers vader is een verblijfsvergunning asiel verleend en eisers zus is in het bezit van de Nederlandse nationaliteit. Zij verbleef hier voordat zij de Nederlandse nationaliteit kreeg op grond van een verblijfsvergunning voor verblijf bij partner. Eiser heeft 20 juni 2022 vanuit Belarus een aanvraag gedaan om bij zijn vader in Nederland te verblijven. Eiser heeft die procedure niet afgewacht, maar is Nederland eind oktober 2022 ingereisd. Op 22 januari 2023 heeft hij een zelfstandige asielaanvraag gedaan.
3.1
Eiser heeft het volgende aan die asielaanvraag ten grondslag gelegd. Eiser heeft vanaf 2020 tot 2022 aan protesten meegedaan tegen de Belarussische regering. Eiser was toen ook lid van nieuwskanalen en chats. In september 2023 is er een wijkagent bij eisers huis langs geweest. Op 20 maart 2024 is eisers moeder aangehouden door de autoriteiten. Met name eisers vader en zus waren politiek actief en eiser vreest dat hij vanwege de politieke activiteiten van zijn familie in Belarus in de problemen zal komen. Eiser heeft ook een oproep voor de militaire dienstplicht ontvangen.
3.2
Volgens verweerder heeft eiser de volgende asielmotieven aan zijn asielaanvraag ten grondslag gelegd:
-identiteit, nationaliteit en herkomst;
-problemen vanwege politieke overtuiging;
-problemen vanwege het weigeren van de militaire dienst.
Verweerder heeft eisers identiteit, nationaliteit en herkomst geloofwaardig geacht. Eisers problemen vanwege zijn politieke overtuiging zijn volgens verweerder deels geloofwaardig. Verweerder gelooft eisers politieke overtuiging en deelname aan demonstraties. Zijn deelname aan sociale kanalen, chats en nieuwskanalen heeft hij echter niet met documenten onderbouwd en daar verklaart hij ook vaag, summier en tegenstrijdig over. Ook over het bezoek van de wijkagent en de aanhouding van zijn moeder verklaart eiser vaag en summier. Verder heeft eiser lange tijd in Belarus kunnen leven zonder dat hij problemen had met de overheid en hij heeft Belarus legaal kunnen verlaten. Dat eiser in Belarus gevaar loopt vanwege de problemen van zijn vader en zus heeft hij onvoldoende onderbouwd. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat hij vanwege zijn politieke activiteiten en overtuiging te vrezen heeft voor vervolging in Belarus. Niet is gebleken dat eiser daardoor in de negatieve belangstelling van de autoriteiten staat. Ook heeft hij niet aannemelijk gemaakt dat hij te vrezen heeft voor vervolging vanwege het weigeren van de militaire dienstplicht.
3.3
Op 8 november 2024 heeft verweerder aan eiser laten weten dat zijn aanvraag voor een afgeleide verblijfsvergunning asiel (voor verblijf bij zijn vader) is ingewilligd. Op die datum heeft verweerder de zelfstandige asielaanvraag van eiser als ongegrond afgewezen. De rechtbank zal hierna aan de hand van de beroepsgronden van eiser beoordelen of verweerder de aanvraag heeft mogen afwijzen.
Heeft eiser in Belarus te vrezen voor vervolging vanwege zijn eigen activiteiten?
4. Eiser voert aan dat zijn politieke overtuiging en deelname aan demonstraties geloofwaardig zijn en hij daarom een groot risico loopt op vervolging in Belarus. Verweerder heeft eisers deelname aan chatgroepen ten onrechte niet geloofd en eiser heeft ook in Nederland nog deelgenomen aan politieke activiteiten.
4.1
De rechtbank volgt het standpunt van verweerder dat eiser niet te vrezen heeft voor vervolging vanwege zijn eigen politieke activiteiten. Eiser heeft in Belarus weliswaar deelgenomen aan protesten en stelt dat hij ook in chatgroepen zat, maar hij heeft niet weten te onderbouwen dat hij vanwege die activiteiten in de negatieve belangstelling van de autoriteiten is komen te staan. Ook is niet gebleken dat eiser vanwege activiteiten in Nederland heeft de vrezen voor vervolging in Belarus. Ter zitting heeft eiser verklaard dat hij in Nederland berichten uit chatkanalen doorstuurt naar een vriend in Belarus en dat hij sinds zijn moeder is opgepakt in Belarus in maart 2024 hij geen activiteiten meer heeft ontplooid. Niet is gebleken of onderbouwd, dat hij daardoor in de negatieve belangstelling van de autoriteiten staat. De beroepsgrond slaagt niet.
Heeft eiser te vrezen voor vervolging in Belarus omdat hij niet heeft voldaan aan de oproep de dienstplicht te vervullen?
5. De rechtbank volgt eiser niet in zijn beroepsgrond dat hij vanwege het weigeren van de militaire dienstplicht heeft te vrezen voor vervolging in Belarus. Eiser heeft gesteld dat zijn politieke overtuigingen gelden als ernstige onoverkomelijke gewetensbezwaren om in het leger te dienen. De rechtbank volgt dit niet. Eiser heeft deze stelling pas ter zitting aangevoerd. Hij heeft zijn gestelde gewetensbezwaren niet met stukken of eigen verklaringen geconcretiseerd of onderbouwd. Eisers stelling dat hij door het weigeren van de dienstplicht heeft te vrezen voor onevenredige bestraffing, volgt de rechtbank ook niet. Verweerder heeft daarbij terecht gewezen uit informatie van Vluchtelingenwerk waaruit volgt dat dienstweigeraars niet altijd een gevangenisstraf krijgen bij het ontlopen van de militaire dienst, maar dat er ook een boete gegeven kan worden. De beroepsgrond slaagt niet.
Heeft eiser te vrezen voor vervolging in Belarus vanwege de activiteiten van zijn vader en zus?
6. Eiser voert aan dat hij vreest voor vervolging vanwege de politieke activiteiten van zijn zus en vader. Eisers vader en zus wordt in Belarus gezocht wegens hun politieke activiteiten en de optredens en uitingen van eisers zus in de Belarussische diaspora. De autoriteiten in Belarus pakken familieleden van Belarussische oppositieleden op als het niet lukt om de opposanten zelf te pakken. Dat is al gebeurd bij eisers moeder, die na het vertrek van eiser twee weken vast heeft gezeten. Eiser heeft in de beroepsfase een verklaring van het Belarussische ministerie van Binnenlandse zaken overgelegd waaruit volgt dat eisers moeder vanaf 21 maart 2024 twee weken gedetineerd is geweest.
6.1
Eiser heeft ter onderbouwing van zijn beroepsgrond gewezen op landeninformatie. In een VN-rapport van 9 mei 2024 [1] staat dat:
“There is a growing number of allegations of harassment, including arbitrary detention, of family members of prisoners and persons in exile. Reports have emerged about security forces conducting "raids" into homes and State-owned enterprises, inspecting and seizing digital devices and proceeding with arbitrary detentions. Between April and December 2023, human rights activists documented 66 such raids, during which several hundred people were detained”
In een rapport van de Amerikaanse ambassade in Belarus uit 2023 [2] staat dat:
“Human rights defenders also reported individuals inside the country were harassed or arrested after their family members fled the country due to fear of repression.”
6.2
De rechtbank stelt vast dat uit de geciteerde bronnen volgt dat ook familieleden van tegenstanders van het Belarussische regime hebben te vrezen voor vervolging door de Belarussische autoriteiten. Eiser stelt dat zijn vader een tegenstander van het regime is. Hij stelt dat zijn vader een politiek dissident is en hij daarom een asielvergunning in Nederland heeft gekregen. Omdat verweerder die stelling niet heeft betwist, gaat de rechtbank er van uit dat eisers vader inderdaad vanwege zijn politieke overtuiging en/of activiteiten een vergunning heeft gekregen. Eiser heeft daarnaast een krantenartikel van 25 maart 2021 overgelegd met als titel “
Hoe voormalige landgenoten hun vaderland schaden”. In dit artikel wordt eisers zus genoemd als diasporafiguur die zich in geen enkele staat officieel heeft geprofileerd, maar toch niet aan de aandacht zal kunnen ontsnappen. Eiser heeft, naar het oordeel van de rechtbank, met dit krantenartikel onderbouwd dat ook zijn zus als tegenstander van Belarussische regime wordt gezien. Gelet op de algemene informatie en het profiel van eisers familieleden heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd waarom eiser geen gevaar loopt vanwege de activiteiten van zijn vader en zus. Deze conclusie wordt verder gestaafd met de overgelegde verklaring van het ministerie van Binnenlandse Zaken over de detentie van zijn moeder. Deze detentie sluit aan bij de aangehaalde landeninformatie, waaruit volgt dat familieden van oppositieleden kunnen worden bestraft. Dat in de verklaring staat dat eisers moeder vanwege een administratieve overtreding is opgepakt, maakt niet dat de detentie geen verband houdt met de activiteiten van haar familieleden. Het is, naar het oordeel van de rechtbank, immers niet aannemelijk dat de autoriteiten dat in een dusdanige verklaring expliciet zouden vermelden. Dat eisers moeder zelf geen nadere uitleg over de redenen van haar detentie heeft gegeven, doet daar ook niet aan af. Eisers zus heeft in een brief van 24 augustus 2025 aangegeven dat hun moeder bang is om nog meer informatie te sturen uit angst voor represailles van de overheid. Mede in het licht van het voorgaande kan de rechtbank de stelling van verweerder dat eisers moeder wel en eiser zelf niet onder de aandacht van de autoriteiten zou staan niet volgen. Eisers beroepsgrond slaagt dus.
Conclusie en gevolgen
7. Verweerder heeft de aanvraag ten onrechte afgewezen als ongegrond. Het beroep is gegrond, omdat het bestreden besluit in strijd is met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), niet zorgvuldig is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd. De rechtbank vernietigt daarom het bestreden besluit.
7.1.
De rechtbank bepaalt met toepassing van artikel 8:72, vierde lid, van de Awb dat verweerder een nieuw besluit moet nemen en daarbij rekening houdt met deze uitspraak. Verweerder dient dus eisers asielaanvraag opnieuw te beoordelen en daarop te beslissen met inachtneming van al hetgeen in deze uitspraak is overwogen en geoordeeld. De rechtbank geeft verweerder hiervoor een termijn van acht weken.
7.2.
Eiser krijgt een vergoeding van de proceskosten die hij heeft gemaakt in beroep. Verweerder moet deze vergoeding betalen. Deze kosten stelt de rechtbank op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende bijstand vast op € 1.814,- (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting). Verder zijn er geen kosten gemaakt die vergoed kunnen worden. Omdat aan eiser een toevoeging is verleend, moet verweerder deze vergoeding betalen aan de gemachtigde.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit van 8 november 2024;
- draagt verweerder op binnen zes weken na de dag van verzending van deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op de aanvraag, waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak;
- veroordeelt verweerder tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan eiser.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.V.A. Corstens, rechter, in aanwezigheid van mr. J.P. Ankum, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Voetnoten

1.Situation of human rights in Belarus Report of the Special Rapporteur on the situation of human rights in Belarus, 9 mei 2024.
2.U.S Embassy in Belarus published report "2023 Country Reports on Human Rights Practices”: