Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser], eiser
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, met de Angolese nationaliteit, kreeg zijn verblijfsvergunning voor niet-tijdelijke humanitaire gronden ingetrokken door verweerder met een besluit van 13 november 2024. Eiser maakte bezwaar tegen deze intrekking, maar verweerder verklaarde dit bezwaar niet-ontvankelijk omdat het bezwaarschrift niet tijdig was ingediend. Eiser stelde dat hij het primaire besluit niet had ontvangen vanwege verhuizing en overbewoning, waardoor hij zijn post had gemist.
De rechtbank oordeelde dat het aan eiser is om een actueel postadres door te geven en dat het missen van het besluit voor zijn rekening en risico komt. Het feit dat eiser bij familie verbleef en al lang in Nederland woonde, ontsloeg hem niet van deze verplichting. Het niet tijdig indienen van het bezwaar was daarom niet verschoonbaar.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet-ontvankelijkheidsbesluit ongegrond en wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak werd gedaan door rechter K.M. de Jager op 1 oktober 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van een verschoonbare reden voor termijnoverschrijding.