Op 24 september 2025 heeft de Rechtbank Den Haag uitspraak gedaan in een zaak betreffende de voortzetting van een crisismaatregel voor een minderjarige betrokkene, geboren in 2009. De officier van justitie had op 17 september 2025 verzocht om deze voortzetting, omdat betrokkene, die momenteel verblijft in een zorginstantie, behoefte heeft aan stabiliteit en rust. De rechtbank oordeelde dat, ondanks de twijfels van de behandelaren over de noodzaak van voortzetting, de situatie van betrokkene ernstig is. Betrokkene heeft suïcidale gedachten en zijn ouders kunnen hem niet uit het oog verliezen, wat leidt tot uitputting. De rechtbank concludeert dat er onmiddellijk dreigend ernstig nadeel is, waaronder levensgevaar en ernstig lichamelijk letsel, en dat verplichte zorg noodzakelijk is. De rechtbank verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel, die een geldigheidsduur heeft van drie weken, tot en met 13 oktober 2025. De beschikking is gegeven door rechter M. Dam, bijgestaan door griffier P.S.R. Nieman, en is uitgesproken ter openbare zitting.