ECLI:NL:RBDHA:2025:17391
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitzetting naar Oostenrijk op grond van Dublin-overeenkomst
Verzoekster heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel ingediend die door de minister niet in behandeling is genomen omdat Oostenrijk verantwoordelijk is volgens de Dublin-overeenkomst. Verzoekster stelde beroep in tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om uitzetting te voorkomen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek tot voorlopige voorziening toegewezen na belangenafweging. Het bestreden besluit is geschorst en verzoekster mag niet worden overgedragen aan Oostenrijk totdat op het beroep is beslist. Hierdoor wordt de overdrachtstermijn opgeschort.
De minister is veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoekster, vastgesteld op € 907,00 conform het Besluit proceskosten bestuursrecht. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A. Sibma en is openbaar gemaakt. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het bestreden besluit is geschorst en verzoekster mag niet worden uitgezet naar Oostenrijk totdat op het beroep is beslist.