ECLI:NL:RBDHA:2025:16968
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing asielaanvraag wegens onjuiste veilige landenstatus Marokko
Eiser heeft op 20 april 2025 een asielaanvraag ingediend die door de minister op 12 juni 2025 werd afgewezen als kennelijk ongegrond. De rechtbank oordeelt dat de minister het besluit niet zorgvuldig heeft voorbereid en onvoldoende heeft gemotiveerd, omdat ten onrechte is aangenomen dat Marokko een veilig land van herkomst is, terwijl dit sinds 4 augustus 2025 niet meer het geval is.
De rechtbank vernietigt het bestreden besluit op grond van deze onjuiste rechtsgrond, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat de minister de aanvraag op basis van een individuele beoordeling terecht heeft afgewezen. Eiser voerde aan dat hij bescherming ontving vanwege bedreigingen door zijn oom, maar de rechtbank stelt vast dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij geen bescherming kan krijgen van de Marokkaanse autoriteiten.
De rechtbank weegt mee dat eiser geen bescherming heeft gezocht bij de autoriteiten tegen de bedreigingen en dat de aanwezigheid van corruptie en machtige familieleden niet voldoende bewijs vormt dat bescherming onmogelijk is. De rechtbank veroordeelt de minister tot betaling van proceskosten van €1.814,- aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onjuiste veilige landenstatus, maar de afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand.