ECLI:NL:RBDHA:2025:16850
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in asielzaak na gegrondverklaring beroep tegen afwijzing asielaanvraag
Verzoeker, van Marokkaanse nationaliteit, diende een asielaanvraag in die bij besluit van 9 juli 2025 door de minister van Asiel en Migratie werd afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker stelde hiertegen beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter behandelde het verzoek om voorlopige voorziening samen met het beroep op 9 september 2025. De rechtbank had inmiddels in een gerelateerde zaak (NL25.30820) het beroep gegrond verklaard en het besluit van 9 juli 2025 vernietigd, maar de rechtsgevolgen van het besluit in stand gelaten.
Gezien de gegrondverklaring van het beroep achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Tevens veroordeelde de voorzieningenrechter de minister tot betaling van proceskosten aan verzoeker ter hoogte van €907,00, gebaseerd op het Besluit proceskosten bestuursrecht.
De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter H. Hanssen - Telman en griffier mr. F. Aissa, en is onherroepelijk omdat tegen deze uitspraak geen hoger beroep of verzet openstaat.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen en de minister wordt veroordeeld tot betaling van €907 aan proceskosten.