Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
.
2.De feiten
Topman miljoenenfonds provincie steekt eigen geld in omstreden vakantiepark [vakantiepark] in [plaats 1] : gouverneur start onderzoek” en gaat over [naam 1] , beheerder van het Limburgs Energie Fonds, een investeringsfonds van de provincie Limburg, die ‘kwetsbaar’ of zelfs chantabel zou zijn doordat hij ruim een miljoen euro eigen geld heeft geïnvesteerd in vakantiepark [vakantiepark] in [plaats 1] , welk vakantiepark volgens het artikel omstreden zou zijn. Eigenaresse en bestuurder van dit vakantiepark is de moeder van [verzoeker] . In het artikel wordt over [verzoeker] onder meer vermeld dat hij strafrechtelijke veroordelingen op zijn naam heeft staan voor opiumwetdelicten en hypotheekfraude en in het verleden is verdacht van witwassen.
Hij heeft twee veroordelingen vanwege opiumwetdelicten op zijn naam staan.”
dat [verzoeker] tussen 1999 en 2008 in totaal 46 panden had aangekocht, ter waarde van ruim 5,5 miljoen, terwijl hij volgens de Belastingdienst tussen 2000 en 2007 geen legaal inkomen in Nederland had. Volgens de rechtbank was er sprake van een redelijke verdenking van witwassen.”
In een beschikking uit 2014 van de Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam staat dat er een strafrechtelijk onderzoek tegen [verzoeker] loopt en dat de administratie van de [vakantiepark] -Holding in beslag is genomen. Het zou gaan om ‘onttrekking van gelden’ aan de holding. De Ondernemingskamer gelast daarnaast een onderzoek naar de geldstromen binnen het [vakantiepark] -concern en benoemt een onafhankelijke bestuurder, (…) Zo is [verzoeker met voornaam 1] , de contactpersoon van [naam 1] bij het [plaats 1] park, veroordeeld voor opiumdelicten en hypotheekfraude en is hij in het verleden verdacht van witwassen.”
In 2025 is hij, voortvloeiend uit de witwasverdenking, tot in hoger beroep veroordeeld voor hypotheekfraude en gesjoemel met een salarisstrook rond [vakantiepark].”
In 2016 wordt [verzoeker] , samen met zakenpartner [naam 2] , na een vormfout vrijgesproken van vermeend gesjoemel met elektriciteitsmeters in hun Eindhovense panden. Een jaar eerder legt de gemeente Eindhoven 1 miljoen aan dwangsommen op wegens vermeende gebreken aan de studentenhuizen; daarvan wordt uiteindelijk 125.000 euro geïnd.”
3.Het verzoek en het verweer
[URL]te blokkeren in haar zoekresultaten voor zoekopdrachten naar “ [verzoeker met voornaam 1] ” en “ [verzoeker met voornaam 2] ” voor zover die zoekopdrachten binnen de European Economic Area worden gegeven, op straffe van een dwangsom van
“Uit het Kadaster bleek dat verdachte [ [verzoeker] ] op dat moment eigenaar was van 46 objecten, met een totale aankoopwaarde van € 5.535.921,-, aangekocht tussen 1999 en 2008, dit terwijl uit gegevens van de belastingdienst niet bleek van een bekend legaal inkomen in de periode 2000 t/m 2007 (…)”en ook:
“De rechtbank oordeelt dat (…) genoegzaam blijkt van een redelijke verdenking ex artikel 27 Sv. jegens verdachte ter zake van witwassen.”.De bewering in het artikel dat [verzoeker] in 2015 strafrechtelijk is veroordeeld voor “hypotheekfraude en gesjoemel met een salarisstrook” (klacht onder d) is eveneens gebaseerd op dit vonnis. Daarin staat dat de rechtbank tot het oordeel komt dat wettig en overtuigend bewezen is dat verdachte [ [verzoeker] ] “
in de periode van 01 februari 2005 tot en met 04 april 2005 in Nederland opzettelijk gebruik heeft gemaakt van een valse salarisspecificatie (…) bij de aanvraag van een hypothecaire geldlening (…)”.De rechtbank heeft [verzoeker] hiervoor ook veroordeeld. Ook in hoger beroep bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch is [verzoeker] blijkens het uittreksel van de Justitiële Documentatie hiervoor veroordeeld, en wel bij arrest van 20 december 2016.
€ 178,00(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)