ECLI:NL:RBDHA:2025:16007
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens niet-geloofwaardige bedreiging door echtgenoot vriendin uit Iran
Eiser, afkomstig uit Iran, diende een asielaanvraag in op grond van bedreigingen door de echtgenoot van een vrouw met wie hij een relatie had. De minister wees de aanvraag af omdat het asielmotief van bedreiging niet geloofwaardig werd geacht. De rechtbank bevestigt dit oordeel na beoordeling van het dossier en de overgelegde ooggetuigenverklaringen.
De rechtbank oordeelt dat de verklaringen onvoldoende onderbouwing bieden voor de bewering dat eiser door de Sepah wordt gezocht. Ook het ontbreken van persoonlijke spullen van de echtgenoot bij de vriendin weegt mee in het ongeloofwaardig achten van het asielmotief. Daarnaast heeft eiser niet voldaan aan zijn inspanningsverplichting om zijn verhaal met bewijs te onderbouwen, zoals het verkrijgen van informatie via advocaten of het Sana-systeem.
De rechtbank concludeert dat de minister de afwijzing terecht handhaaft en verklaart het beroep ongegrond. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter G.H.W. Bodt en griffier F. Metz op 26 augustus 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en de afwijzing blijft in stand.