ECLI:NL:RBDHA:2025:1588
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens prematuur ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvragen
Eisers hebben op 1 februari 2023 asielaanvragen ingediend. Nederland werd op 19 december 2023 verantwoordelijk voor de behandeling van deze aanvragen, waarna de beslistermijn van zes maanden volgens de Vreemdelingenwet aanving.
Eisers dienden een ingebrekestelling in op 9 oktober 2024 en vervolgens beroepen tegen het niet tijdig beslissen. De rechtbank oordeelt dat de ingebrekestelling prematuur was omdat de beslistermijn nog niet was verstreken.
Op grond van artikel 6:12, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kunnen beroepen tegen niet tijdig beslissen pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken. Omdat dit niet het geval was, zijn de beroepen niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank vond geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en maakte de uitspraak zonder zitting bekend. Eisers wordt gewezen op de mogelijkheid om binnen vier weken beroep te doen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De beroepen tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvragen zijn niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.