ECLI:NL:RBDHA:2025:15513

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
1 juli 2025
Publicatiedatum
20 augustus 2025
Zaaknummer
C/09/675194 / FA RK 24-7913
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Wijziging van gezag en hoofdverblijfplaats in een familierechtelijke procedure

In deze zaak heeft de Rechtbank Den Haag op 1 juli 2025 een beschikking gegeven in een familierechtelijke procedure. De vader heeft verzocht om het gezag van de moeder over hun twee minderjarige kinderen te beëindigen en om hem alleen met het gezag te belasten. De vader voert aan dat de kinderen sinds oktober 2024 geen contact meer hebben met de moeder en feitelijk bij hem verblijven. Hij stelt dat de moeder verslaafd is en geen zorg voor de kinderen biedt, wat leidt tot verwaarlozing. De rechtbank heeft de stukken en de verklaringen op de zitting in overweging genomen en oordeelt dat er voldoende grond is om de vader met het eenhoofdig gezag over de kinderen te belasten. De rechtbank wijst het verzoek van de vader toe, omdat het in het belang van de kinderen is dat hij de bevoegdheden krijgt die het ouderlijk gezag met zich meebrengt. De moeder is niet bereikbaar en er is geen verwachting van verbetering in de situatie. De rechtbank heeft ook het verzoek van de vader om de geslachtsnaam van de kinderen te wijzigen ingetrokken, waardoor hier niet meer op hoeft te worden beslist. De rechtbank heeft het verzoek om de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vader te bepalen afgewezen wegens gebrek aan belang, aangezien de vader nu het gezag heeft. De beschikking is gegeven door kinderrechter mr. A.P. de Klerk en is uitgesproken in openbare zitting.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG
Enkelvoudige Kamer
Rekestnummer: FA RK 24-7913
Zaaknummer: C/09/675194
Datum beschikking: 1 juli 2025

Gezag, wijziging geslachtsnaam en wijziging hoofdverblijfplaats

Beschikking op het op 22 oktober 2024 ingekomen verzoekschrift van:

[de vader] ,

de vader,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. A.M. Buitenhuis in Nieuw-Vennep, gemeente Haarlemmermeer.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de moeder] ,

de moeder,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
  • het verzoekschrift, met bijlagen;
  • het bericht van 7 november 2024 van de vader, met bijlagen;
  • het bericht van 28 mei 2025 van de vader, met bijlage, waarin hij zijn verzoeken aanvult.
Op 3 juni 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank met gesloten deuren behandeld in de vorm van
een gecombineerde behandelingvan zowel de onderhavige verzoeken als de verzoeken tot ondertoezichtstelling en machtiging tot uithuisplaatsing van de kinderen van de vader en de moeder (zaak- en rekestnummer C/09/682844 / JE RK 25-578). Op laatstgenoemde verzoeken is op de zitting al mondeling beslist. De schriftelijke uitwerking hiervan is in een afzonderlijke beschikking vastgelegd.
Op de zitting zijn verschenen:
  • de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
  • mr. J. Looman, de advocaat van de moeder maar uitsluitend in de procedure met zaak- en rekestnummer C/09/682844 / JE RK 25-578;
  • [naam 1] namens de Raad voor de Kinderbescherming;
  • [naam 2] namens Stichting Jeugdbescherming west, regio Haaglanden;
  • de heer [naam 3] en mevrouw [naam 4] , hulpverleners van de vader, als toehoorders en met instemming van de andere aanwezigen en met toestemming van de rechter.
De moeder is, hoewel behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.
De minderjarige [minderjarige 1] is in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over de verzoeken.

Feiten

  • De vader en de moeder hebben een affectieve relatie met elkaar gehad.
  • Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
- [minderjarige 1] (hierna: [minderjarige 1] ), geboren op [geboortedatum 1] 2016 in
[geboorteplaats 1] ;
- [minderjarige 2] (hierna: [minderjarige 2] ), geboren op [geboortedatum 2] 2018 in [geboorteplaats 2] .
  • De vader heeft de kinderen erkend.
  • De moeder is van rechtswege met het eenhoofdig gezag over de kinderen belast.
  • Volgens de Basisregistratie Personen staan de kinderen ingeschreven op het adres van de moeder.
  • De kinderen verblijven feitelijk bij de vader.

Verzoek en verweer

De vader verzoekt, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
  • het gezag van de moeder over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te beëindigen dan wel haar hieruit te ontzetten;
  • de vader te belasten met het gezag over [minderjarige 1] en [minderjarige 2] , zulks met ingang van de datum van de beschikking, dan wel per datum door de rechtbank, in goede justitie te bepalen;
  • de geslachtsnaam van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] te wijzigen van [geslachtsnaam 1] in [geslachtsnaam 2] ;
  • te bepalen dat [minderjarige 1] en [minderjarige 2] zullen worden toevertrouwd aan de vader en bij de vader ook hun feitelijk verblijf zullen hebben.
De moeder heeft geen verweer gevoerd.

Beoordeling

Gezag
De vader wil belast worden met het eenhoofdig gezag over de kinderen. Hij voert ter onderbouwing van zijn verzoek het volgende aan. De kinderen hebben sinds oktober 2024 geen contact meer met de moeder en verblijven sindsdien feitelijk bij de vader. Omdat de vader geen gezag heeft, kan hij op dit moment geen beslissingen nemen over de kinderen. Hij heeft daarvoor toestemming van de moeder nodig, maar de moeder is niet bereikbaar voor de vader. Dat leidt er bijvoorbeeld toe dat voor [minderjarige 1] een onderzoek naar mogelijke dyslexie niet kan starten en dat voor haar geen identiteitsbewijs kan worden aangevraagd. Volgens de vader is de moeder verslaafd aan wiet en wil de moeder al jaren niets voor de kinderen doen. De vader heeft van alles geprobeerd, maar de moeder neemt niets aan. Volgens de vader dreigen de kinderen klem en verloren te raken tussen de ouders en hij voorziet problemen als de moeder nog mag meebeslissen over de kinderen. Daarom verzoekt de vader hem alleen te belasten met het gezag over de kinderen.
De rechtbank overweegt als volgt. Ingevolge artikel 1:253c lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan de tot het gezag bevoegde ouder van het kind, die nimmer het gezag
gezamenlijk met de moeder uit wie het kind is geboren heeft uitgeoefend, de rechtbank verzoeken de ouders met het gezamenlijk gezag dan wel hem alleen met het gezag over het kind te belasten. Wanneer de andere ouder het gezag over het kind uitoefent, wordt het verzoek om de tot het gezag bevoegde ouder, bedoeld in het eerste lid, alleen met het gezag te belasten slechts ingewilligd, indien de rechtbank dit in het belang van het kind wenselijk oordeelt (artikel 1:253c lid 3 BW).
Op basis van de stukken en dat wat op de zitting is besproken, is de rechtbank van oordeel dat er voldoende grond bestaat om de vader met het eenhoofdig gezag over de kinderen te belasten. De rechtbank overweegt daartoe als volgt. De moeder geeft al langere tijd geen uitvoering aan haar ouderlijk gezag. Het is prijzenswaardig dat de vader heeft ingegrepen omdat de situatie voor de kinderen bij de moeder niet langer houdbaar was, de kinderen werden verwaarloosd. [minderjarige 1] en [minderjarige 2] hebben sinds oktober 2024 geen contact meer met hun moeder en de vader draagt al maanden de volledige zorg voor hen. Zoals door de vader uitgelegd loopt hij er in de praktijk tegenaan dat hij voor [minderjarige 1] geen identiteitskaart kan aanvragen en dat het niet lukt om een onderzoek naar dyslexie te starten. De rechtbank acht het in het belang van [minderjarige 1] en [minderjarige 2] dat de vader de bevoegdheden krijgt die het ouderlijk gezag met zich brengt en dat de vader overeenkomstig de huidige feitelijke situatie wordt belast met het ouderlijk gezag over de kinderen. De rechtbank ziet geen grond om de ouders gezamenlijk met het gezag te belasten, aangezien de basis hiervoor ontbreekt. De moeder is niet bereikbaar voor de vader en wanneer de rechtbank de ouders gezamenlijk met het gezag over de kinderen zou belasten, bestaat het risico dat de kinderen klem of verloren raken tussen de ouders. De rechtbank verwacht, gelet op de huidige situatie waarin de moeder op geen enkele manier bereikbaar is voor de vader of de hulpverlening, niet dat hier in afzienbare tijd verbetering in komt.
Gelet op het bovenstaande acht de rechtbank het in het belang van de kinderen wenselijk dat de vader wordt belast met het eenhoofdig gezag over de kinderen. De rechtbank hecht er aan op te merken dat dit alles niets wijzigt aan het feit dat de moeder de moeder is van de kinderen en dat ook blijft en dat de moeder, bij een wijziging van de situatie, een verzoek bij de rechtbank in kan dienen over het gezag. Gelet op het bovenstaande zal de rechtbank het verzoek van de vader toewijzen.
Wijziging geslachtsnaam
Op de zitting heeft de vader zijn verzoek om de geslachtsnaam van de kinderen te wijzigen van [geslachtsnaam 1] in [geslachtsnaam 2] ingetrokken, zodat de rechtbank daarop niet meer hoeft te beslissen.
Hoofdverblijfplaats
Omdat de vader eenhoofdig met het gezag over de kinderen wordt belast, heeft de vader geen toestemming van de moeder of vervangende toestemming van de rechtbank meer nodig om de hoofdverblijfplaats van de kinderen te wijzigen. Daarom zal de rechtbank het verzoek om de hoofdverblijfplaats van de kinderen bij de vader te bepalen, afwijzen wegens gebrek aan belang.

BeslissingDe rechtbank:

beëindigt het ouderlijk gezag van de moeder;
bepaalt dat voortaan alleen aan de vader, [de vader] , geboren op [geboortedatum 3] 1980 in [geboorteplaats 1] het gezag zal toekomen over de minderjarige kinderen:
  • [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2016 in [geboorteplaats 1] ;
  • [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2018 in [geboorteplaats 2] ;
verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.P. de Klerk, kinderrechter, in tegenwoordigheid van mr. M.A. Wien als griffier, en uitgesproken de openbare de zitting van 1 juli 2025.