ECLI:NL:RBDHA:2025:15133
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening toewijzing verlenging gecombineerde vergunning verblijf en arbeid voor koks in Aziatische horeca
Verzoekers, allen zelfstandig werkende koks in de Aziatische horeca, dienden verlengingsaanvragen in voor hun gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (gvva). De minister wees deze aanvragen af op basis van een nieuw toetsingskader dat het prioriteitgenietend aanbod (pga) hanteert, waarbij de Regeling Aziatische Horeca is afgeschaft. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening zodat zij tijdens de bezwaarfase mochten blijven werken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bezwaar het rechtsgevolg van het niet mogen werken niet schorst, omdat de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) en het Besluit uitvoering Wet arbeid vreemdelingen (Buwav) dit niet toestaan. Wel werd vastgesteld dat er sprake is van een spoedeisend belang vanwege de gedwongen inactiviteit en de negatieve gevolgen voor verzoekers en hun werkgevers.
De rechter constateerde dat het UWV-advies waarop de minister zich baseerde onvoldoende onderbouwt waarom er nu wel sprake is van pga voor zelfstandig werkende koks, terwijl eerdere onderzoeken en cijfers het tegendeel aantonen. Dit geeft het bezwaar een redelijke kans van slagen. De belangenafweging viel dan ook in het voordeel van verzoekers uit, waarna de voorlopige voorziening werd toegewezen. Verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Verzoekers mogen tijdens de bezwaarfase blijven werken bij hun werkgevers totdat op het bezwaar is beslist.