ECLI:NL:RBDHA:2025:15073
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen overdracht aan Duitsland op grond van Dublinverordening
Verzoekers hebben een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel, die door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen omdat Duitsland verantwoordelijk wordt geacht op grond van de Dublinverordening. Verzoekers stelden beroep in tegen deze besluiten en vroegen om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter constateert dat de rechtbank niet binnen de uiterste overdrachtstermijn kan beslissen op het beroep, waardoor spoed is geboden. Gezien het belang van verzoekers om niet uitgezet te worden voordat hun beroep is behandeld, wordt het verzoek om voorlopige voorziening toegewezen.
De minister wordt veroordeeld in de proceskosten van verzoekers. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is onherroepelijk.
Uitkomst: Verzoekers mogen niet aan Duitsland worden overgedragen totdat op hun beroepen is beslist.