ECLI:NL:RBDHA:2025:1462
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Rwandese journalist wegens onvoldoende aannemelijkheid
Eiser, een Rwandese journalist en freelancefotograaf, diende in 2019 een eerste asielaanvraag in die in 2022 werd afgewezen. Op 16 juni 2023 diende hij een tweede aanvraag in, gebaseerd op zijn lidmaatschap van de oppositie en zijn journalistieke activiteiten. De minister wees deze aanvraag af op grond van artikel 31, zesde lid, onder c, van de Vreemdelingenwet 2000 wegens het ontbreken van een samenhangend en aannemelijk verhaal.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht de geloofwaardigheid van eisers tweede asielmotief heeft betwijfeld. De overgelegde documenten, waaronder een conceptnotitie, perskaarten en online artikelen, waren kopieën die niet op echtheid konden worden onderzocht en vertoonden onderlinge inconsistenties. Ook de verklaringen van eiser over zijn contacten en activiteiten werden niet voldoende onderbouwd, ondanks zijn stelling dat vanwege vrees voor repercussies geen schriftelijke bewijzen konden worden overlegd.
De rechtbank concludeert dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij de afgelopen twee jaar actief is geweest voor de oppositieorganisatie en dat zijn vrees voor vervolging onvoldoende is onderbouwd. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter H. Hanssen - Telman en griffier M.A. Buikema.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en eiser moet Nederland verlaten met een inreisverbod van twee jaar.