Uitspraak
Voorlopige voorzieningen
Beschikking op het op 18 april 2025 ingekomen verzoek van:
[de vrouw] ,
[de man] ,
Procedure
- het verzoekschrift;
- het F9-formulier van 28 mei 2025 van de zijde van de vrouw, met een aanvullend verzoek en bijlagen;
- het verweerschrift, tevens houdende zelfstandige verzoeken.
- de vrouw met haar advocaat;
- de man met mr. Wigman;
- [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming (Raad).
Feiten
- Partijen zijn gehuwd op [datum] 2019 te [plaats] .
- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:
Verzoek en verweer
- de vrouw gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning te [adres] ( [postcode] ) [plaats] , met het bevel dat de man die woning dient te verlaten en verder niet mag betreden en alle sleutels van de woning afgeeft;
- een regeling inzake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken ten aanzien van de minderjarige kinderen van partijen wordt vastgesteld als volgt:
- dat de man gerechtigd zal zijn tot het uitsluitend gebruik van de echtelijke woning te [adres] ( [postcode] ) [plaats] ;
- dat vastgesteld wordt dat aan iedere ouder (formeel gezien) een kind wordt toevertrouwd en dat de man de minderjarigen bij zich heeft in een week op week af regeling van vrijdag tot vrijdag en de helft van de vakanties en feestdagen, althans een zorgregeling vast te stellen die de rechtbank redelijk acht;
- uiterst subsidiair:vast te stellen dat de voorlopige kinderalimentatie wordt vastgesteld op grond van co-ouderschap, althans een bedrag vast te stellen dat de rechtbank redelijk acht;