ECLI:NL:RBDHA:2025:13687
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen terugkeerbesluit en inreisverbod voor Britse vreemdeling
Eiser, een Britse nationaliteit dragende vreemdeling, werd op 22 januari 2025 aangehouden met ruim 110 kilo hennep in Nederland. Op 25 januari 2025 legde de minister van Asiel en Migratie een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar op omdat eiser niet langer rechtmatig verblijf had. Eiser stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank oordeelde dat het terugkeerbesluit terecht was opgelegd omdat het rechtmatige verblijf van eiser was geëindigd door zijn aanhouding met drugs, wat een gevaar voor de openbare orde vormt. De verklaring van eiser dat hij vrijwillig Nederland zou verlaten, bood geen grond om af te zien van het terugkeerbesluit. Ook het onthouden van een vertrektermijn was gerechtvaardigd vanwege het risico dat eiser zich aan toezicht zou onttrekken.
Ten aanzien van het inreisverbod stelde eiser dat dit onevenredig zwaar zou zijn voor zijn gezinsleven. De rechtbank vond echter onvoldoende bewijs dat het inreisverbod zijn gezins- en familieleven zodanig zou beperken dat het in strijd zou zijn met artikel 8 EVRM Pro. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het terugkeerbesluit en inreisverbod wordt ongegrond verklaard.