ECLI:NL:RBDHA:2025:13015
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek tot proceskostenvergoeding na inwilliging asielaanvraag
Verzoekster had een asielaanvraag ingediend die aanvankelijk werd afgewezen. Na een tussenuitspraak van de rechtbank op 6 december 2024 werd de minister van Asiel en Migratie in de gelegenheid gesteld de gebreken in het bestreden besluit te herstellen.
De minister maakte hiervan gebruik en heeft bij besluit van 5 juni 2025 de asielaanvraag van verzoekster alsnog ingewilligd. Naar aanleiding hiervan trok verzoekster haar beroep in en verzocht zij om een veroordeling van de minister in de proceskosten.
De minister verzette zich niet tegen dit verzoek. De rechtbank oordeelde dat verzoekster proceskosten had gemaakt en dat het verzoek tot proceskostenvergoeding gegrond was. Op grond van de toepasselijke wettelijke bepalingen werd de minister veroordeeld tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan verzoekster.
Uitkomst: De minister van Asiel en Migratie wordt veroordeeld tot betaling van € 1.814,- aan proceskosten aan verzoekster.