Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
de Minister van Asiel en Migratie, verweerder
Procesverloop
Beoordeling door de voorzieningenrechter
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft de verzoeker beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Asiel en Migratie om de asielaanvraag niet in behandeling te nemen, omdat Oostenrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting.
De voorzieningenrechter verwijst naar een eerdere uitspraak (zaaknummer NL25.16152) waarin is vastgesteld dat er geen procesbelang bestaat. Dit geldt ook voor de onderhavige procedure, waardoor het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wordt verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter B.F.Th. de Roos en griffier S.D.C.J. Verheezen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang.