ECLI:NL:RBDHA:2025:11957
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet tijdig beslissen op machtiging tot voorlopig verblijf
Eisers hebben twee beroepen ingediend tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag voor een machtiging tot voorlopig verblijf. Het eerste beroep werd op 24 april 2025 door de rechtbank behandeld en daarover is reeds een uitspraak gedaan.
Het tweede beroep, ingediend op 21 april 2025, betreft hetzelfde onderwerp en dezelfde aanvraag. De rechtbank beoordeelt ambtshalve dat eisers geen procesbelang hebben bij het tweede beroep, omdat er reeds een beslissing is genomen op het eerste beroep. Hierdoor kan de rechtbank niet tweemaal op hetzelfde beroep beslissen.
Daarnaast heeft de rechtbank vastgesteld dat er geen nieuwe feiten, omstandigheden of relevante wetswijzigingen zijn aangevoerd die het tweede beroep zouden kunnen rechtvaardigen.
De rechtbank verklaart het tweede beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk en wijst de vordering af. De minister is niet gehouden tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de aanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.