ECLI:NL:RBDHA:2025:11883

Rechtbank Den Haag

Datum uitspraak
17 juni 2025
Publicatiedatum
7 juli 2025
Zaaknummer
11522696 MB VERZ 25-858
Instantie
Rechtbank Den Haag
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging verkeersboete voor overschrijding maximumsnelheid bromfiets met rollerbankmeting

Betrokkene kreeg een verkeersboete van € 84,00 wegens het rijden met een bromfiets die de maximumconstructiesnelheid met maximaal 10 km/u overschreed op 9 februari 2024. Tegen deze boete werd beroep ingesteld bij de officier van justitie, dat ongegrond werd verklaard. Vervolgens werd beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De kantonrechter behandelde de zaak op 17 juni 2025, waarbij betrokkene en zijn gemachtigde niet aanwezig waren. De gemachtigde voerde aan dat de meting met de rollerbank niet deugdelijk was uitgevoerd, onder meer omdat niet was vastgesteld of de motor voldoende was gekoeld, of de bromfiets belast was met lichaamsgewicht of tegendruk, en wat de invloed van de bandenspanning was. Tevens werd proceskostenvergoeding gevraagd.

De officier van justitie stelde dat de meting volgens de vereisten was uitgevoerd en verwees naar een uitspraak van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden die deze meetmethode bevestigde. De kantonrechter vond geen aanleiding om aan de juistheid van de meting te twijfelen en verwierp het beroep. Ook het verzoek om proceskostenvergoeding werd afgewezen. De opgelegde boete werd bevestigd, zonder matiging wegens bijzondere omstandigheden.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete wordt bevestigd.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Zittingsplaats ’s-Gravenhage
CJIB-nummer: [CJIB-nummer]
Registratienummer team straf: 11522696 MB VERZ 25-858
Uitspraakdatum : 17 juni 2025
Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting
in de zaak van

[betrokkene]

wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [woonplaats]
[adres] , nader ook te noemen: betrokkene.
Gemachtigde: mr. N.G.A. Voorbach (Verkeersboete.nl)

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een verkeersboete opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond of niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 17 juni 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene en gemachtigde zijn niet ter zitting verschenen.

Overwegingen

Verkeersboete
Het gaat om een bedrag van € 84,00 (inclusief administratiekosten) wegens als bestuurder van een bromfiets rijden terwijl de bromfiets de maximumconstructiesnelheid overschrijdt tot en met 10 km per uur op 9 februari 2024.
Beroepsgronden en standpunten
De beroepsgronden houden in de kern het volgende in. De meting zou niet deugdelijk zijn verricht volgens gemachtigde omdat niet blijkt uit het zaakoverzicht dat de motor voldoende gekoeld is, dat door de verbalisant de bromfiets heeft belast met lichaamsgewicht of tegendruk tijdens de meting en niet beschreven is welke invloed de bandenspanning heeft gehad op de meting. Derhalve kan de gedraging niet worden vastgesteld. Tot slot wordt een proceskostenvergoeding verzocht.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft ter zitting voorgesteld het beroep ongegrond te verklaren. De vertegenwoordiger heeft daarover in het bijzonder aangevoerd dat de meting met de rollerbank is uitgevoerd volgens de vereisten die daaraan worden gesteld. Hetgeen gemachtigde aanvoert geeft geen reden om van het standpunt af te wijken. Ter zitting overlegt de vertegenwoordiger een uitspraak van de rechtbank Rotterdam d.d.
30 april 2024 (met zaaknummer 10881623 / MB VERZ 24-363) waar zij naar verwijst.
Oordeel
Het beroep is ongegrond.
Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende.
Uit het zaakoverzicht blijkt dat de gedraging is verricht.
De kantonrechter ziet in wat gemachtigde heeft aangevoerd of in het dossier, geen aanleiding te twijfelen aan de verklaring van de verbalisanten of aan de juistheid van de verrichte meting. Daarbij stelt de kantonrechter vast dat het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden ook al heeft gevonden dat deze metingen op deze wijze mogen worden uitgevoerd (zie uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden d.d. 10 december 2024 met kenmerk: ECLI:NL:GHARL:2024:7603). De gedraging staat naar het oordeel van de kantonrechter dan ook voldoende vast en rechtvaardigt de opgelegde boete.
De kantonrechter ziet ook geen bijzondere omstandigheden die tot matiging van de boete dienen te leiden.
Proceskosten
Het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.

Beslissing

De kantonrechter:
- verklaart het beroep ongegrond.
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. G.P. Verbeek, kantonrechter, bijgestaan door D.C. Carsten, griffier en in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Den Haag, Team Straf en dient door degene die het beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht.
Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.