ECLI:NL:RBDHA:2025:11753
Rechtbank Den Haag
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn bij omgevingsvergunning
Verzoeker heeft een omgevingsvergunning gekregen voor het veranderen en vergroten van een woning naar drie woningen. Tegen dit besluit zijn bezwaren ingediend door derden, waarna de gemeente deze bezwaren ongegrond verklaarde. De rechtbank heeft vervolgens de beroepen van de bezwaarmakers ongegrond verklaard, waarbij verzoeker als derde-belanghebbende deelnam.
Verzoeker stelde een schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn op grond van artikel 6 EVRM Pro. De rechtbank overweegt dat de redelijke termijn in bezwaar- en beroepsprocedures maximaal twee jaar mag bedragen, waarvan zes maanden voor bezwaar en anderhalf jaar voor beroep. De termijn begon te lopen op de datum van ontvangst van het eerste bezwaarschrift dat betrekking had op het perceel van verzoeker.
De totale behandeling duurde twee jaar en negen maanden, wat een overschrijding van negen maanden betekent. De rechtbank kent daarom een schadevergoeding toe van €1.000,- aan verzoeker. De overschrijding is volledig aan de rechtbank toe te rekenen. Daarnaast wordt de Staat veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van verzoeker ad €226,75. De uitspraak is gedaan zonder zitting en in het openbaar uitgesproken op 23 mei 2025.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Staat tot betaling van €1.000 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.