ECLI:NL:RBDHA:2025:1173
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in zaak verblijfsvergunning asiel na bescherming in Bulgarije
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, maar de minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag niet-ontvankelijk verklaard op grond dat verzoeker reeds internationale bescherming geniet in Bulgarije.
Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek samen met het beroep behandeld, waarbij verzoeker en zijn gemachtigde afwezig waren.
De rechtbank heeft het beroep ongegrond verklaard, waardoor de voorlopige voorziening niet langer nodig was. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen en geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep of verzet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het onderliggende beroep ongegrond is verklaard.