ECLI:NL:RBDHA:2025:11695
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens alsnog genomen besluit op asielaanvraag
Verzoeker diende beroep in tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag. Op 1 juni 2025 nam de minister alsnog een besluit op deze aanvraag. Vervolgens trok verzoeker zijn beroep in en verzocht om vergoeding van zijn proceskosten. De minister reageerde niet op dit verzoek.
De rechtbank oordeelde dat het beroep ingetrokken werd omdat de minister aan het beroepschrift tegemoet was gekomen door alsnog een besluit te nemen. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht en het Besluit Proceskosten bestuursrecht kan de rechtbank in dat geval het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van de proceskosten.
Gezien de aard van de zaak en het beperkte belang hanteerde de rechtbank een wegingsfactor van 0,5, waardoor een bedrag van €453,50 werd toegekend. Er waren geen overige kosten die vergoed konden worden. De uitspraak werd gedaan door rechter R.J.A. Schaaf, in aanwezigheid van griffier M.M. Mulder, op 26 juni 2025.
Uitkomst: De minister wordt veroordeeld tot betaling van €453,50 aan proceskosten aan verzoeker.