ECLI:NL:RBDHA:2025:10476
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Tussentijdse beëindiging van wettelijke schuldsaneringsregeling wegens tekortkomingen in verplichtingen
De heer en mevrouw, beiden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) sinds 11 maart 2024, werden door de bewindvoerder beticht van het niet nakomen van essentiële verplichtingen zoals het verstrekken van informatie, het voorkomen van nieuwe schulden, het afdragen van inkomsten en het solliciteren naar werk.
Na een verhoor op 13 maart 2025 en diverse schriftelijke verzoeken bleken de tekortkomingen aan te houden. Zo ontbraken belangrijke documenten zoals salarisspecificaties, eindafrekeningen, en bewijs van aflossingen. Mevrouw voldeed ook niet aan haar sollicitatieplicht na het beëindigen van haar arbeidsovereenkomst.
De rechtbank oordeelde dat deze tekortkomingen toerekenbaar en ernstig waren, waardoor de bewindvoerder terecht verzocht tot tussentijdse beëindiging van de WSNP. De regeling werd daarom zonder schone lei beëindigd, met als gevolg dat schuldeisers hun vorderingen weer kunnen verhalen.
Daarnaast stelde de rechtbank de vergoeding van de bewindvoerder vast op €6.680,55 en gaf opdracht tot verdeling van een eventueel resterend boedelsaldo onder schuldeisers.
De uitspraak werd op 3 juni 2025 in het openbaar gedaan en kan binnen acht dagen worden bestreden door hoger beroep.
Uitkomst: De WSNP-regelingen van de schuldenaren worden tussentijds beëindigd wegens ernstige tekortkomingen in hun verplichtingen.