ECLI:NL:RBDHA:2025:10389
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens onvoldoende individuele vervolgingsdreiging op politieke gronden
Eiser, een Zuid-Afrikaanse politieke activist van de partij Economic Freedom Fighters, diende op 24 juni 2022 een asielaanvraag in. Hij stelde dat hij vanwege zijn politieke activiteiten en conflicten met autoriteiten en buurtgenoten vreest voor vervolging en ernstige schade bij terugkeer naar Zuid-Afrika.
De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, mede omdat eiser zijn paspoort had vernietigd. Eiser stelde beroep in tegen deze afwijzing en verzocht om een voorlopige voorziening tegen uitzetting. De rechtbank behandelde beide zaken samen en hield de zitting op 14 april 2025.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de politieke activiteiten en problemen geloofwaardig zijn, eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij individueel vervolgd wordt vanwege zijn politieke overtuiging. Er was geen sprake van rechtsvervolging en de EEF is een legale partij met parlementaire vertegenwoordiging. Ook het risico van ernstige schade door buurtgenoten werd niet aannemelijk geacht.
De afwijzing als kennelijk ongegrond werd bevestigd omdat eiser zijn paspoort bewust had vernietigd. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Eiser kan tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank handhaaft de afwijzing van de asielaanvraag en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.