Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]
Procesverloop
Overwegingen
De gronden van bewaring
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
De zaak betreft een beroep van eiser tegen een maatregel van bewaring opgelegd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwist onder meer het redelijk vermoeden van illegaal verblijf, de rechtmatigheid van het binnentreden en de staandehouding, en de zorgvuldigheid van het gehoor en de informatieverstrekking.
De rechtbank oordeelt dat het redelijk vermoeden van illegaal verblijf voldoende concreet is onderbouwd met gegevens uit systemen en meldingen. Het gehoor voorafgaand aan de bewaring vond plaats in het Nederlands, de taal die eiser zelf koos, en de mogelijkheid tot een Arabische tolk is hem aangeboden. Hoewel de staatssecretaris nagelaten heeft eiser te informeren over het recht op gratis rechtsbijstand en consulaire bijstand, weegt dit gebrek niet zwaarder dan de belangen die met de bewaring worden gediend.
De zware gronden voor bewaring, waaronder het niet meewerken aan terugkeer en het onttrekken aan toezicht, zijn feitelijk juist en voldoende gemotiveerd. De rechtbank vindt dat de staatssecretaris terecht geen lichter middel zoals een meldplicht heeft toegepast. Ambtshalve toetsing toont geen onrechtmatigheid van de maatregel tot het moment van sluiting van het onderzoek.
Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.