ECLI:NL:RBDHA:2024:9569
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende risico op schending artikel 3 EVRM bij terugkeer naar Marokko
Eiseres heeft een asielaanvraag ingediend op grond van haar bekering tot het christendom, afvalligheid van de islam en haar buitenechtelijke relatie met kinderen. De staatssecretaris heeft haar aanvraag afgewezen omdat zij onvoldoende aannemelijk acht dat eiseres een reëel risico loopt op strafrechtelijke vervolging of ernstige schade bij terugkeer naar Marokko.
De rechtbank overweegt dat Marokko een veilig land van herkomst is en dat eiseres niet heeft onderbouwd dat zij een individueel risico loopt op een schending van artikel 3 EVRM Pro. De gestelde vrees voor strafrechtelijke vervolging wegens buitenechtelijke relatie wordt niet geloofd omdat de wettelijke bewijsvereisten niet zijn vervuld en het huwelijk met haar christelijke man wordt erkend.
Ook de vrees voor eerwraak en maatschappelijke afkeuring wordt onvoldoende onderbouwd. De rechtbank stelt vast dat de staatssecretaris alle omstandigheden, waaronder de bekering en afvalligheid, in samenhang heeft beoordeeld. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de afwijzing van de aanvraag blijft in stand.
Uitkomst: Het beroep van eiseres wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van haar asielaanvraag blijft in stand.