Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker diende op 5 augustus 2022 beroep in tegen het niet-tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 29 december 2021. De staatssecretaris heeft uiteindelijk bij besluit van 27 november 2023 de asielaanvraag ingewilligd. Vervolgens trok verzoeker op 12 juni 2024 het beroep in en verzocht om vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De rechtbank oordeelde dat de staatssecretaris niet binnen de wettelijke termijn had beslist en daarmee geheel tegemoet was gekomen aan het beroep. Op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de rechtbank in een dergelijk geval het bestuursorgaan veroordelen tot vergoeding van proceskosten.
De rechtbank stelde de proceskosten vast op € 437,50, gebaseerd op een puntensysteem uit het Besluit proceskosten bestuursrecht (Bpb), met een wegingsfactor 'licht' vanwege de beperkte aard van het beroep. De uitspraak werd gedaan zonder zitting op 13 juni 2024 door rechter E.F. Bethlehem.
Uitkomst: De staatssecretaris wordt veroordeeld tot betaling van € 437,50 aan proceskosten wegens niet-tijdig beslissen op de asielaanvraag.