ECLI:NL:RBDHA:2024:9380
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beoordeling plaatsing in Handhaving- en Toezichtlocatie na incidenten op AZC
Eiser is door het COA geplaatst in een Handhaving- en Toezichtlocatie (HTL) vanwege meerdere incidenten waarbij hij onder invloed van alcohol anderen lastigviel en de huisregels overtrad. Het COA baseerde het besluit op een uitgebreide verslaglegging van getuigen, waaronder AZC-medewerkers en buurtbewoners.
Eiser betwist de feiten en stelt dat hij onterecht wordt beschuldigd, mede vanwege zijn geloof en dieet, en voert aan dat er geen hoor en wederhoor heeft plaatsgevonden. De rechtbank oordeelt echter dat het COA voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de incidenten hebben plaatsgevonden en dat eiser adequaat gelegenheid heeft gekregen om te reageren.
De rechtbank vindt de maatregel proportioneel gezien de ernst en herhaling van het gedrag van eiser en het ontbreken van contra-indicaties. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de plaatsing in de HTL wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.