ECLI:NL:RBDHA:2024:935
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzonder vlieggeld voor Reaper vlieger in opleiding wegens niet-gelijke gevallen
Eiser, in opleiding tot vlieger van het onbemande MQ-9 Reaper vliegtuig, verzocht om bijzonder vlieggeld, gelijk aan dat van collega’s die een vergelijkbare eerste opleidingsfase doorlopen. Verweerder wees dit verzoek af op grond van artikel 12 van Pro de Inkomstenregeling militairen, omdat de Reaper geen straalvliegtuig is en eiser al bij aanvang van de opleiding als Reaper vlieger was aangewezen.
Eiser stelde dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden omdat de eerste opleidingsfase identiek is aan die van andere vliegers die wel bijzonder vlieggeld ontvangen. De rechtbank oordeelde echter dat de uiteindelijke bestemming en het type vliegtuig doorslaggevend zijn, en dat eiser niet in gelijke gevallen verkeert met de andere vliegers.
De rechtbank nam ook mee dat eiser op een andere locatie wordt opgeleid en dat hem vooraf geen verwachting is gewekt over het recht op bijzonder vlieggeld. De versoepeling van de regeling die voor andere vliegers geldt, is niet van toepassing op eiser. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en bijzonder vlieggeld wordt niet toegekend.