Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Op 2 april 2024 is eiser in vreemdelingenbewaring gesteld door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld, dat tevens als verzoek om schadevergoeding wordt aangemerkt. De staatssecretaris heeft de bewaring op 11 april 2024 opgeheven.
De rechtbank heeft op 15 april 2024 het beroep behandeld, waarbij eiser en zijn gemachtigde niet verschenen. De rechtbank heeft beoordeeld of de bewaring rechtmatig was en of schadevergoeding moet worden toegekend. De gronden voor bewaring, waaronder het concrete aanknopingspunt voor overdracht op grond van de Dublinverordening en het risico op ontduiking van toezicht, zijn niet betwist door eiser.
De rechtbank concludeert dat de maatregel van bewaring op geen enkel moment onrechtmatig was en verklaart het beroep ongegrond. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.