ECLI:NL:RBDHA:2024:8828
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen vrijheidsbeperkende maatregel staatssecretaris
Verzoekster heeft tegen een besluit van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, waarin een vrijheidsbeperkende maatregel is opgelegd, beroep ingesteld en tegelijkertijd een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening samen met de hoofdzaak behandeld op 31 mei 2024.
De rechtbank heeft op dezelfde dag uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer NL24.19381), waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. De voorzieningenrechter heeft daarom het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan in het openbaar en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de vrijheidsbeperkende maatregel wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld.