Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
[eiser] , eiser
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Rechtbank Den Haag
Op 7 mei 2024 is eiser in vreemdelingenbewaring gesteld op grond van artikel 59a, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betwist de rechtmatigheid van deze maatregel en heeft beroep ingesteld, dat tevens als verzoek om schadevergoeding geldt.
De staatssecretaris baseert de bewaring op zware gronden, waaronder het niet op de voorgeschreven wijze binnenkomen van Nederland en het onttrekken aan toezicht door langdurig illegaal verblijf. De rechtbank oordeelt dat deze gronden feitelijk juist en voldoende gemotiveerd zijn. Eiser heeft verklaard zes jaar illegaal in Nederland te hebben verbleven zonder melding te doen, wat het risico op onttrekking bevestigt.
Eiser stelt dat er geen significant risico is omdat hij snel naar Kroatië wil terugkeren, maar de rechtbank wijst dit af op basis van eerdere verklaringen en gedragingen van eiser. Ook het lichter middel wordt verworpen omdat het onvoldoende garantie biedt tegen onttrekking.
De rechtbank toetst ambtshalve de rechtmatigheid van de bewaring en concludeert dat deze niet onrechtmatig is geweest. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de vreemdelingenbewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.