ECLI:NL:RBDHA:2024:8735
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewaring onrechtmatig wegens te late omzetting, schadevergoeding toegekend
De staatssecretaris heeft op 18 april 2024 aan eiser een maatregel van bewaring opgelegd op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser heeft hiertegen beroep ingesteld, dat tevens werd aangemerkt als verzoek om schadevergoeding. De maatregel werd op 13 mei 2024 opgeheven.
De rechtbank heeft op 28 mei 2024 het beroep behandeld en vastgesteld dat de maatregel van bewaring te laat is omgezet. De staatssecretaris erkende dat de omzetting niet tijdig plaatsvond, aangezien de maatregel uiterlijk op 11 mei 2024 omgezet had moeten zijn, terwijl dit pas op 13 mei gebeurde. Hierdoor was de maatregel vanaf 12 mei 2024 onrechtmatig.
Hoewel de rechtbank geen andere onrechtmatigheden in de maatregel zag, oordeelde zij dat de te late omzetting de rechtmatigheid aantastte. De rechtbank kende een schadevergoeding toe van €100,- voor één dag onrechtmatige vrijheidsontneming en veroordeelde de staatssecretaris tot betaling van de proceskosten van €1.750,-. Het beroep werd gegrond verklaard.
Uitkomst: De maatregel van bewaring was onrechtmatig wegens te late omzetting; eiser krijgt €100,- schadevergoeding en proceskosten toegewezen.