ECLI:NL:RBDHA:2024:8415
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen niet tijdig besluit op asielaanvraag met dwangsom opgelegd
Eiser diende op 19 maart 2022 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel in. Nadat verweerder niet tijdig had beslist, stelde eiser beroep in tegen het uitblijven van een besluit. De rechtbank had eerder op 23 juni 2023 een dwangsom opgelegd en verweerder opgedragen binnen zestien weken te beslissen, maar verweerder nam geen besluit.
Verweerder stelde dat eiser terecht beroep had ingesteld en vroeg om een termijn van vier weken om alsnog te beslissen. De rechtbank wees dit verzoek af omdat reeds een termijn was gegeven en geen bijzondere omstandigheden waren aangetoond. De rechtbank bepaalde dat verweerder binnen twee weken na verzending van de uitspraak een besluit moet nemen.
Daarnaast legde de rechtbank een dwangsom op van €200 per dag dat verweerder de termijn overschrijdt, met een maximum van €15.000. Verweerder werd tevens veroordeeld tot betaling van de proceskosten van €1.750 aan eiser. De uitspraak is gedaan door rechter C.W. Griffioen en griffier J.R. Froma op 31 mei 2024.
Uitkomst: Het beroep is gegrond verklaard en verweerder is opgedragen binnen twee weken een besluit te nemen met een dwangsom van €200 per dag bij overschrijding.