ECLI:NL:RBDHA:2024:830
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening tegen weigering visum kort verblijf niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft de eiser een verzoek ingediend om een voorlopige voorziening tegen de weigering van een visum voor kort verblijf. De voorzieningenrechter wijst erop dat het verzoek een voorlopig karakter heeft en geen bindende werking heeft in een eventueel bodemgeding.
De rechtbank stelt dat voor het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening griffierecht betaald moet worden, in dit geval een bedrag van €184. De griffier heeft de eiser bij aangetekende brief van 3 november 2023 in de gelegenheid gesteld het griffierecht binnen twee weken te voldoen. De eiser heeft dit niet gedaan en heeft geen verontschuldiging aangevoerd voor het niet tijdig betalen.
Daarom verklaart de voorzieningenrechter het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk en beoordeelt het verzoek niet inhoudelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter F. Sijens en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.