ECLI:NL:RBDHA:2024:8205
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Beperking sluiting horeca-inrichting na overtreding sluitingstijden
De gemeente constateerde dat de horeca-inrichting van verzoeker meerdere malen buiten de toegestane sluitingstijden open was. Na twee waarschuwingen werd bij een derde overtreding besloten tot een sluiting van drie maanden. Verzoeker maakte bezwaar en vroeg om een voorlopige voorziening om de sluiting te beperken.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de gemeente bevoegd was tot sluiting op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening en het handhavingsbeleid. De overtredingen waren substantieel, met bezoekers aanwezig ruim na sluitingstijd. Verzoeker had onvoldoende maatregelen getroffen om herhaling te voorkomen.
Echter, vanwege de ernstige financiële situatie van verzoeker, met aanzienlijke schulden bij de belastingdienst en energiemaatschappij en het risico op faillissement, werd de sluitingsduur beperkt tot drie weken. Deze kortere duur weegt zwaarder dan het belang van de gemeente bij een langere sluiting, terwijl het handhavingsdoel deels behouden blijft.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van verzoeker. De uitspraak is gedaan door de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 8 mei 2024.
Uitkomst: De sluiting van de horeca-inrichting wordt beperkt tot drie weken in plaats van drie maanden.